Vandermeulen, Eric

vandermeulen-eric.jpeg

Op 9 mei 1960 kwam ik voor het eerst uit de lucht gevallen. Ik belandde in het stadje Mechelen, waar niets dan maneblussers wonen. Als de Mechelaars hun bijnaam waardig waren geweest en er een school voor ruimtevaarders op na hadden gehouden, dan bevond ik mij nu wellicht in een baan om de aarde. Alles wat met planeten en melkwegstelsel te maken heeft fascineerde me als kind mateloos. Maar omdat die ruimtevaartschool niet voorhanden was, en wel een conservatorium, overhaalde mijn vader me om te starten met pianolessen.

Drie jaar later, ik was twaalf, gaf mijn vader (die ook mijn pianoleraar was) me een nogal saai muziekstukje, bedoeld om mijn linkerhand wat op te krikken. Op één of andere manier vond ik het hemels klinken. Vanaf dat ogenblik wist ik dat ik pianist wilde worden. En dat ben ik, zesendertig jaar later, nog steeds.

Mijn studies aan het Antwerps conservatorium leverden mij de ronkende titel Meester in de Muziek op. Maar de bakker in Schelle, waar ik nu woon, maakt nog steeds geen diepe buiging voor me als ik zijn winkel binnenkom. Het fijne is wel dat ik nu een meester ben die anderen bij een mooi pianostukje mag leren wegdromen. Al doe ik er af en toe ook iets saais bij, want je weet maar nooit. Mooi meegenomen is ook dat ik er fit van blijf, want de fietstocht naar de muziekacademie van Berchem neemt al gauw een uurtje in beslag.

Intussen ontdekte ik alsnog een manier om op de maan te komen. Het is een eeuwenoude manier. Het enige wat je nodig hebt is een leeg blad en een balpen, en een beetje tijd om je erop te concentreren. Eigenlijk zijn dat blad en die balpen niet eens noodzakelijk. Die neem je gewoon mee om je ginder niet te vervelen. Want eerlijk gezegd, op die kale kraters en droge oceanen ben je snel uitgekeken.

Aan mijn bezoekjes aan de maan hou ik nu en dan iets tastbaars over. Zoals ‘Stikkeloers’, mijn eerste jeugdroman, in 2008 verschenen bij Clavis. En zoals ‘Het mechaniekje van meneer Czerny’, twaalf etudes voor piano, in 2009 verschenen bij Metropolis Music Publishers.

Behalve van schrijven gaat mijn hart ook sneller slaan van mijn vrouw en mijn vier kinderen. Verder word ik graag ontvoerd door een boek van Haruki Murakami of een film van David Lynch.

×
×